Interview met Milan Janssen
‘Doe ik de voordeur open, word ik natgespoten’
Milan Janssen (1985) is drie avonden per week in het clubhuis van voetbalclub WVW te vinden. ,,Goed dat het er is, want Weurt heeft geen café.''
Kunt u iets over uzelf vertellen?
Ik kijk veel tv, erg veel. Vaak van zes uur 's avonds tot
één uur 's nachts. In elk geval het
showbizz-nieuws: wie heeft iets met wie, welke film zit eraan te
komen, wie speelt daar in mee, ik wil het allemaal weten. Blije
dingen waar je niets aan hebt, haha.
Voor het juiste beeld: ik train ook twee avonden in de week, bij voetbalclub WVW. Daar speel ik in het tweede. Zuipelftal worden we genoemd, en inderdaad: zondag willen we nog wel eens brak zijn. Maar ingemaakt worden we nooit. Meestal eindigen we in de middenmoot.
Het is een vriendenclub, dat tweede. Laatst doe ik thuis de voordeur open, word ik natgespoten. Geintje van Roy, ook iemand uit het tweede. Hij doet mee aan WaterWars, een spel waarbij je punten krijgt door mensen nat te spuiten.
Na het vwo op de SSgN heb ik een jaar bedrijfskunde aan de uni gedaan. Dat halen werd onmogelijk doordat het studieprogramma omgegooid werd. Sindsdien doe ik de heao. Het liefst combineer ik straks een baan in het bedrijfsleven met lesgeven. Ik vertel graag over economie. Het is een logisch vak. Voorbeeld: als er meer vraag naar een product komt, stijgt de prijs.
Logica geeft houvast. En vastigheid, daar houd ik van. Laatst moest er een busje komen om met elftalspelers naar de kermis in Deest te gaan. Zoiets regel ik het liefst zelf, dan weet ik zeker dat het busje komt.
Voor het juiste beeld: ik train ook twee avonden in de week, bij voetbalclub WVW. Daar speel ik in het tweede. Zuipelftal worden we genoemd, en inderdaad: zondag willen we nog wel eens brak zijn. Maar ingemaakt worden we nooit. Meestal eindigen we in de middenmoot.
Het is een vriendenclub, dat tweede. Laatst doe ik thuis de voordeur open, word ik natgespoten. Geintje van Roy, ook iemand uit het tweede. Hij doet mee aan WaterWars, een spel waarbij je punten krijgt door mensen nat te spuiten.
Na het vwo op de SSgN heb ik een jaar bedrijfskunde aan de uni gedaan. Dat halen werd onmogelijk doordat het studieprogramma omgegooid werd. Sindsdien doe ik de heao. Het liefst combineer ik straks een baan in het bedrijfsleven met lesgeven. Ik vertel graag over economie. Het is een logisch vak. Voorbeeld: als er meer vraag naar een product komt, stijgt de prijs.
Logica geeft houvast. En vastigheid, daar houd ik van. Laatst moest er een busje komen om met elftalspelers naar de kermis in Deest te gaan. Zoiets regel ik het liefst zelf, dan weet ik zeker dat het busje komt.
Wat heeft u te maken met het gebied?
Ik kom van kind af aan in Weurt. Mijn vader komt er vandaan, er
woont veel familie. We woonden altijd in Beuningen, maar sinds
acht, negen jaar in Weurt. In de Ruijterstraat, vlakbij de
Coöp. Mijn vader zal het verhuizen hebben aangekaart, hij
wilde vast terug. Mijn moeder zal het weinig hebben uitgemaakt.
Die komt uit De Wolfskuil.
In Weurt kent iedereen elkaar. Nieuwtjes gaan als een lopend vuurtje rond. Geroddel hoort erbij. Een enkele keer is het vervelend. Kom je op straat iemand tegen van wie je via via begrepen had dat die pas geleden overleden was. Bij wijze van spreken.
In Weurt kent iedereen elkaar. Nieuwtjes gaan als een lopend vuurtje rond. Geroddel hoort erbij. Een enkele keer is het vervelend. Kom je op straat iemand tegen van wie je via via begrepen had dat die pas geleden overleden was. Bij wijze van spreken.
Hoe vindt u de kwaliteit van de leefomgeving in het gebied?
Prettig aan Weurt is dat het een dorp is en dat je toch vlakbij
de stad zit. Vijf minuten en je bent in het centrum van Nijmegen.
Om de natuur geef ik niet veel. Ik kom best wel eens op de dijk, maar niet om te genieten van de uiterwaarden of zo. Verder ruik je de ARN soms, maar eigenlijk valt het best mee.
Dat verhaal over kanker leeft eerder bij oudere generaties, denk ik. Ik weet niet hoe het in elkaar stak. Het is nooit een item.
Om de natuur geef ik niet veel. Ik kom best wel eens op de dijk, maar niet om te genieten van de uiterwaarden of zo. Verder ruik je de ARN soms, maar eigenlijk valt het best mee.
Dat verhaal over kanker leeft eerder bij oudere generaties, denk ik. Ik weet niet hoe het in elkaar stak. Het is nooit een item.
Wat is uw favoriete plek in het gebied?
Ons clubhuis. Ik ben er drie avonden per week en dan tel ik de
feesten niet eens mee. Goed dat het er is, want Weurt heeft geen
café.
